Bovenkamer door Rikkert Zuiderveld

Mijn buurman heeft een grote ladekast
Waarin bewaard wordt wat bewaard moet worden,
Zichzelf de baas. En voor de goede orde
Ontdoet hij zich van alles wat niet past.

Maar in mijn bovenkamer is het vol:
Een nachthemd, dozen, halfvergane dromen,
Een beeld waarvan geen afscheid is genomen,
Beschimmeld brood, een fles, een wereldbol.

’t Is tijd dat ik een telefoontje pleeg
en mannen van de vuilnisdienst laat komen
en vraag: ruimt u mijn zolderkamer leeg,

ik zoek een bovenzaal waar ramen zijn,
bedachtzaam avondlicht kan binnenstromen,
en tafels met vers brood en klare wijn.

Gepubliceerd in: om 26 januari 2012 op 12:00 pm  Geef een reactie  

Vmbo-taal

Vol goede moed begin ik altijd het nieuwe schooljaar maar helaas zonk deze keer me de moed wel erg snel in de schoenen. Ik ben namelijk uitverkoren om vmbo’ers (basis en kader) het nieuwe vak Taal te mogen aanbieden. Nou ja, eigenlijk niet ik want het is de pc die dat doet. Omdat recente onderzoeken uitwijzen dat leerlingen met de pc blijkbaar sneller de lesstof tot zich nemen, was ik gematigd optimistisch.

Taal via de pc, Muiswerk, is een pilot. Pilot deed me meteen denken aan de politiek, waar de schoolcultuur natuurlijk niet op wil lijken maar dat wel degelijk doet. Beide culturen hebben gemeen dat ze klauwen vol geld uitgeven aan vernieuwingen en veranderingen die hun nut niet of nauwelijks bewezen hebben. Het zogenaamde Nieuwe Leren, wat menig docentenkorps uit een heeft gereten, was al ten dode opgeschreven voor alle scholen hun verbouwing voor computerlokalen en open leercentra (het woord alleen al) hadden afgrond.

Instructie geven is er bij Taal niet meer bij want dat doet de pc. Dat haast elke leerling die instructie zo snel mogelijk wegklikt en dus blijft steken in dezelfde oefeningen is een bijkomstigheid. Tot mijn verbijstering komen wel weer onderwerp, gezegde en persoonsvorm veel voorbij. Geloof me, mijn leerlingen zijn daar al jaar en dag op de basisschool mee gepest en ook de computer verguldt die bittere grammaticapil niet.

Toen ik onlangs twee weken inviel voor het vak Engels bleek ook daar hoe hopeloos het gesteld is met wat de methodemakers denken dat de leerlingen aankunnen en de realiteit. Ik vind het allemaal water naar de zee dragen en ben niet meer gemotiveerd dergelijke lessen te geven. Tijden van werkwoorden die ze in het Nederlands niet kennen moeten ook bij Engels geleerd worden. Wat ze wel weten en kunnen komt nauwelijks aan bod dus groeit het zelfvertrouwen bij de meeste leerlingen niet, iets wat de meeste toch al node ontberen.

Denk je dat ik overdrijf? Was het maar waar. Ze moeten nog steeds  leren wat het verschil is tussen een gezegde en een uitdrukking (ik wist het niet eens), de regels van de tussen-n (die veranderen continu) en de juiste interpunctie (van klas 4 krijg ik werkstukken zonder punten en hoofdletters). Als uitsmijter even het volgende voorval. Voor het nieuwe vak Taal kreeg ik een boekwerkje aangereikt voor docenten en ouders. Wat zag ik op bijna elke bladzijde? Juist, spelfouten. Boekje in de prullenbak, samen met mijn hoop op gezond verstand in ons talige vmbo.

Gepubliceerd in: om 22 januari 2012 op 5:29 pm  Reacties (1)  
Tags: ,

Afscheid van verspilde tijd door Carl-Henning Wijkmark

Deze roman won in 2007 de belangrijkste literaire prijs in Zweden maar heeft in Nederland tot nu toe niet veel succes.  Opzien baarde Wijkmark in 2006 wel met zijn boek De moderne dood, een fictief verslag van een symposium over de mogelijkheid van gedwongen euthanasie als oplossing van het vergrijzingsvraagstuk. De schrijver staat bekend om zijn kritiek op de privatisering en vercommercialisering van de gezondheidszorg. Wat hij daarvan vindt is te lezen in Afscheid van verspilde tijd dat zich afspeelt in een hospice of zoals Wijkmark het noemt: dit is het basiskamp van onze laatste expeditie omdat een groot avontuur ons te wachten staat.

Samen met Harry en Borje ligt hoofdpersoon Hasse in een hospicekamer te wachten op de dood. Er bevindt zich nog een vierde persoon op de kamer maar die verblijft altijd achter een scherm. Hij sterft als eerste maar maakt wel iets bij de drie mannen los. ‘In onze gevoelens voor hem konden wij elkaar ontmoeten en dat bleef ook zo nadat hij ons had verlaten.’ De mannen hebben oppervlakkig contact en niet de behoefte veel van elkaar aan de weet te komen. ‘Eenzaamheid is een soort verdoving waarvan men op het laatst de smaak te pakken krijgt’.

Wel of niet expres, Harry en Borje sterven tegelijk en of zuster Angela er iets mee te maken heeft? De lezer mag gissen. Duidelijker is het boek over de arts die met enige regelmaat aan het bed verschijnt. Hij heeft totaal geen interesse in zijn patiënt. Hasse, die uiteindelijk alleen op een kamer komt te liggen,  leest boeken over de dood en denkt dat het krampachtig zoeken naar de kunst van het sterven zijn leven misschien zal bekorten. Zijn leven wat zich altijd vanaf de zijlijn afspeelde, hij deed niet mee, was toeschouwer en wist zich niet te geven. ‘Wie niet meer werd bemind, hielp het niet zelf nog langer lief te hebben; dan kroop de kilte bij je omhoog en stond de tijd stil. In feite was je dan al dood.’

Afscheid van verspilde tijd is een heftig boek want Wijkmark beschrijft het lichamelijk en geestelijk lijden erg invoelbaar en confronterend op. Huiveringwekkend lees je hoe  zijn lichaam aftakelt, wat de morfine met zijn geest doet en hoe de wereld steeds kleiner wordt. Hasse verdiept zich in wereldgodsdiensten maar heeft geen enkele hoop op een leven na de dood. Het is afzien tot het einde wat maar heel langzaam komt omdat ook Hasse het leven niet loslaten kan. ‘Was dat niet wat geluk betekent, niet struikelen over zichzelf?’, vraagt Hasse zich doodziek af. Lees en herlees want Afscheid van verspilde tijd is absoluut geen tussendoortje.

Gepubliceerd in: om 14 januari 2012 op 3:06 pm  Geef een reactie  
Tags:

Binnendijks door Sytze de Vries

Je hijst de stormbal,

zorgt voor extra dijkbewaking

want je vreest

de stortvloed

die je onder water zet.

-

Mijn woorden beuken

op je dijk, die

het nog altijd houdt,

ze breken tot een branding,

sputteren, sissen en

stromen weg,

het opgeklopte schuim

van de vergeefsheid.

-

Je boezemwater

kent zijn eigen diepten niet

en houdt zich schuil.

-

alleen als jij de sluizen open zet

vloeien wij samen

tot de goede hoogte

om elkaars diepte te peilen.

Gepubliceerd in: om 10 januari 2012 op 10:11 am  Reacties (1)  
Tags:

Van Tetris naar Angry Birds

Tot in de kleine uurtjes gingen mijn man en ik de strijd dertig jaar geleden met elkaar aan en wel om  het record weg gespeelde blokjes van het spelletje Tetris zo lang mogelijk op je eigen naam te krijgen. Ook andere expats speelden dit soort games want in die tijd liepen Aziatische landen voorop wat betreft computerspelletjes. Het kleine apparaatje werd later vervangen door een Game Boy voor de kinderen waar ik ook nog Tetris op speelde.

Onze lieve hulp Ing vond dat de kinderen, toen we in Maleisië woonden,aan een spelcomputer moesten en gaf ze een soort Nintendo. In sommige opzichten had het al iets van de Wii want er hoorde een plastic geweer bij waarmee je eenden doodschieten kon: Duck Hunt. Samen met de kinderen speelde ik er menig spelletje op. Het oude apparaat hebben we nog maar dat werd later vervangen door een Sega en Nintendo waar de jongens zelf voor spaarden. Toen haakte ik met spelen af, te druk met andere zaken en te ingewikkeld.

Als journalist leerde ik 15 jaar geleden op een pc werken , een hele oude, en volgens mijn man was dat de enige pc in het huis die geld opleverde in plaats van kostte. Sindsdien ben ik tweemaal overstag gegaan voor een nieuwe, in 2005 en 2011. De laatste is een klein zwart kastje die een grote gifgroene kast verving. Tussendoor mislukte een experiment om op een laptop te werken want die bleek uiteindelijk aan mij niet besteed. Het leek zo handig om die mee naar school te nemen en er als echte hulpverlener na ieder gesprek een verslag op te schrijven. Voor mij bleek een groot schrift en een pen toch handiger.

De iPad deed een jaar geleden zijn intrede in ons huis maar ik had er geen aandacht voor totdat afgelopen kerst mijn zoon me aanspoorde Angry Birds erop te spelen. Het spelletje bleek Tetris in de herhaling want ik vond het geweldig. Dat ik op deze pad ook tegen mijn kinderen kon scrabbelen (Wordfeud) was mooi meegenomen. Je voelt het al aankomen…….. ik heb deze week zelf een iPad aangeschaft en ben er ontzettend mee in mijn nopjes.

Wie denkt dat ik hipper wil worden dan mijn eigen kinderen kan gerust zijn: mijn kapotte Nokia kreeg een ouderwets broertje als opvolger. En wat betreft de iPad. De tijd zal leren of hij belandt waar de laptop terecht kwam: bij één van mijn kinderen:-)

Gepubliceerd in: om 6 januari 2012 op 3:16 pm  Geef een reactie  

De vader en de zoon door Peter ter Velde

Het begon natuurlijk met Maarten ‘t Hart en kreeg een climax in Knielen op een bed violen van Jan Siebelink,  boeken over fanatieke/orthodoxe christenen. De afgelopen tijd las ik over de reformatoren (Zwarte dauw door Rachel Visscher) de Noorse broeders (Wij dansen niet door Ellen Heijmerikx) en de pinkstergemeente (Een goede zoon door Boudewijn Smid). Nu is de  evangelische gemeente aan de beurt getuige de satire Relishow van Arie Boomsma en De vader en de zoon van Peter ter Velde. Ter Velde is verslaggever bij het NOS Journaal en schreef al een boek over de missie in Afghanistan. Zijn vader is de bekende EO-presentator Feike ter Velde.

Omdat ik am meer dan 40 jaar deel uitmaak van die evangelische  kringen, vind ik het interessant om er achter te komen of de inhoud van het boek overeenkomt met mijn eigen ervaringen. En dat is zeker het geval, zo erg zelfs dat ik de uitgekauwde en lange bijbelgedeeltes in dit boek  op den duur heb overgeslagen. De diensten die Peter ter Velde beschrijft verlopen ongetwijfeld nog op veel plaatsen zo en  ik denk de opvoeding van evangelische kinderen idem dito. Dankzij een gereformeerde vader en een moeder die heilssoldaat was, ben ik redelijk vrij opgevoed en heb niet de evangelische leer maar mijn ouders als voorbeeld genomen bij het opvoeden van onze kinderen.

Terug naar het boek. Al op jonge leeftijd lukt het hoofdpersoon Johan niet om aan de verwachtingen van zijn ouders te voldoen. Schrijnende voorbeelden van een dubbelleven op jonge leeftijd, met  verborgen wereldse kleinoden, tekenen het eenzame jongetje wat wel wil maar niet echt kan geloven, in ieder geval niet op de manier die  thuis van hem gevraagd wordt. Hij heeft vrienden die geloven maar ook die nergens aan doen. Zij laten hem kennismaken met de top-40 en ‘duivelse’ muziek.

Alles begint met een reünie van de middelbare school. Johan heeft een vrouw en kinderen, is voorganger in een evangelische gemeente maar vertelt zijn oud-klasgenoten iets heel anders. Kirsten, een klasgenoot die Jehova Getuige was en daar radicaal mee gebroken heeft, blijft Johan maar doorzagen over het geloof. Hij maakt een afspraak met haar en ziet haar daarna regelmatig in Amsterdam. Ook met vier anderen hernieuwt hij de vriendschap zonder daar thuis over te spreken.

De felle preken die hij in die tijd houdt, gaan over hemzelf. Johan komt in een crisis wanneer één van zijn oude vrienden de waarheid omtrent zijn dubbelleven ontdekt. Tot zijn verwondering volgt er geen veroordeling, die verwacht hij in de christelijke wereld wel want daarom heeft hij altijd gezwegen, maar willen ze hem helpen. Johan vraagt tijd om alles op een rijtje te krijgen. Broer Simon wil bemiddelen bij een gesprek tussen vader en zoon. Simon weet precies te omschrijven waar Johan zijn hele leven tegenaan loopt en dat bevreemdt Johan. ‘Ik beschreef mezelf’, zegt Simon aan het einde van het  goed verlopende eerste gesprek.

Geen wrok in dit boek maar zoeken naar dat wat toch bindt en de ander een kans blijven geven. Vader neemt die kans met beide handen aan en verzoent zich met zijn zoon. Johan gaat enkele jaren het land uit maar blijft financieel voor zijn vrouw en kinderen zorgen. Eenmaal terug wil hij zichzelf zijn en moeten anderen dat accepteren. Of dat iedereen lukt na de aangebrachte pijn laat dit boek open. En dat is dan wel zo realistisch en niet evangelisch.

Gepubliceerd in: om 1 januari 2012 op 12:17 pm  Geef een reactie  

Het oude jaar is als een kleed door Ria Borkent

Het oude jaar is als een kleed

dat haast tot op de draad versleet;

het jaar wordt afgedragen.

O God die ons verleden weet,

de toekomst die Gij ons toemeet

ligt bij U opgeslagen.

-

Het nieuwe jaar, een nieuw gewaad

dat Gij vol liefde om ons slaat

om lichtend uit te dragen

totdat Gij aan de einder staat,

een mantel opgerold, vergaat –

Wij tellen onze dagen.

-

Gij blijft dezelfde Heer, ik weet

dat Gij er zijt in lief en leed,

wij gaan uw zegen vragen.

Eens komt zoals geschreven staat

van mensenmaat en engelenmaat

uw rijk van welbehagen.

 

Gepubliceerd in: om 31 december 2011 op 2:57 pm  Geef een reactie  

Gewoon doorgaan?

Eigenlijk wordt dit woordje gewoon te pas en te onpas gebruikt. Denk maar eens aan de goedbedoelde adviezen na een verlies, zij het aan de dood (verlies van een dierbare)  of aan het leven (verlies van je gezondheid, een echtscheiding of een ontslag): je moet gewoon verder of het leven gaat gewoon door.  Allebei is het onzin want na een heftige gebeurtenis moet je als het ware de puzzel van je leven opnieuw leggen. Ik spreek niet alleen uit eigen ervaring maar ook uit honderden verhalen van mensen die vastliepen omdat ze probeerden gewoon verder te gaan. Dat mislukte vaak en kan soms ernstige lichamelijke en geestelijke klachten opleveren, meteen of tientallen jaren later.

Voor je omgeving is het trouwens wel prettig als je gewoon doorgaat alsof er niets gebeurd is en jij nog dezelfde bent. Dat levert hen geen ongemakkelijke situaties op. Maar helaas, ook het begraven een stokoude moeder of een vader die dement is, levert verdriet op en de dood is nooit gewoon noch de tijd daarna. Momenteel begeleid ik een 14-jarig meisje wiens moeder terminaal ziek is door een hersentumor. De verschillende werelden, thuis en op school, krijgt ze niet meer bij elkaar en soms hebben zelfs mijn eigen collega’s bijster weinig begrip voor de rampenfilm waarin het meisje onbedoeld en ongevraagd een hoofdrol speelt.

Juist omdat het soms zo moeilijk is om gewoon door te gaan zijn vaste patronen/onderdelen  in ons leven prettig. Zij bieden ons toch een soort houvast, geven ons structuur en soms broodnodige afleiding. Dat ervaar ik ook bij het schrijven voor en werken aan mijn blog. Natuurlijk heb ik niet altijd zin om weer een gedicht te zoeken of te denken over het onderwerp van de wekelijkse column maar meestal is het werken aan of voor mijn blog een ontspannende bezigheid.

Iedere blogger wil het aantal bezoekers elk jaar zien toenemen. Tot nu toe is me dat gelukt. Afgelopen jaar had ik 15.000 bezoekers, net zoveel als de drie jaren daarvoor bij elkaar. Ik hoop natuurlijk dat er nog groei in het aantal bezoekers zit al lijkt me dat een moeilijke zaak. Ik ben dan ook tevreden als ik weer 15.000 hits haal. Opvallend is dat vooral de wintermaanden, en zeker de decembermaand, hoog scoren. Mensen lijken het gemakkelijk te vinden om bijvoorbeeld adventsgedichten van het blog te halen.

In 2012 ga ik met plezier gewoon verder met mijn blog. Het feit dat schrijvers soms reageren op mijn recensies van hun boek (Overdiek en Heijmeriks)  vind ik ook noemenswaardig en motiverend. En dan natuurlijk de trouwe lezers, wel of niet reagerend, daar doe ik het ook voor. Een goede vriend zei laatst: ‘Genieten is delen’, en door het schrijven deel ik iets met mijn lezers waar we hopelijk gewoon samen van genieten.

Gepubliceerd in: om 28 december 2011 op 6:43 pm  Reacties (3)  

Klein, klein kribbekind door A.F.Troost

Klein, klein kribbekind

ster

onooglijk

onhoorbaar

kwetsbaar

mens

onder de mensen

Vuur van de hemel

vonk op de aarde

licht als de morgen

warm als de zon

stralend vertalend

wat geen engel

zeggen kon –

welsprekend

mens

wonder de mensen.

-

Minste van allen

meesterlijk

meer dan het gewone

gaf Gij weg –

liefde delend

schonk Gij geloof

wekte Gij hoop

op een rijk van vrede.

-

Kind, klein kribbekind

minste van allen

ster

die nooit verdwijnt –

nog altijd schijnt

uw hemel

op aarde.

Gepubliceerd in: Geen categorie om 24 december 2011 op 1:42 pm  Geef een reactie  

Relishow door Arie Boomsma

Bij mij valt Arie Boomsma in dezelfde categorie als Hans Teeuwen, Paul de Leeuw en Maarten van Rossem; zodra ze vanaf de televisie mijn kamer inkijken, zap ik weg. Gebeurde dat bij drie genoemden al van meet af aan, bij Boomsma heeft het even geduurd eer ik flauw werd van al zijn fratsen om maar in het nieuws te komen. Dat juist Boomsma in Relishow moeiteloos de ijdelheid van een nationale evangelist weet te beschrijven, verbaast me dan ook geenszins. En de inhoud die vlees noch vis behelst, past Boomsma natuurlijk als een warme jas.

In Relishow vertelt Boomsma het verhaal van Barnabas Holee (artiestennaam van Cornelis Ramaker, zoon van een bekende dominee) die als bekende Nederlander christenen, media en vooral ook vrouwen bespeelt door zijn charismatische evangelisatie. Zijn liefde voor Jezus kent geen grenzen en naast de normale toespraken in kerken deelt hij die liefde ook graag fysiek met mooie vrouwen. Dat de niet bijster intelligente dertiger zo furore kan maken in ons land en niet door de mand valt, zegt iets over onze samenleving. Dat de christelijke aanhang de naam Holee uiteindelijk soms scandeert en vervangt door  het bij voetbal vaak klinkende  olé, maakt duidelijk hoe slim Boomsma de naam gekozen heeft maar ligt er dan wel weer dik bovenop.

Er gebeurt niet zoveel in Relishow en vooral veel van hetzelfde: e-mails van fans, hoogdravende gebeden die Barnabas uitspreekt, foto-shoots en televisieoptredens waarbij DWDD en Pauw en Witteman makkelijk te herkennen zijn. Blijft Barnabas voor mij in het hele boek een karikatuur, Gerard de tuinman en Mienke de huishoudster lijken aanvankelijk mensen van vlees en bloed die niet goed begrijpen wat er nu eigenlijk met hun baas gebeurt maar toch in zijn net verstrikt raken. Gerard inspireert Barnabas met citaten van beroemde mensen over hoop en wordt voor korte tijd zijn pr-man. Mienke neemt thuis alle organisatie op zich. Zij beschermt Barnabas door haatbrieven achterover te drukken.

Onverwachts komt er een 4-jarig meisje aan de deur. Zij zegt niets maar Holee weet inmiddels dat hij de vader zou kunnen zijn. Toch wil juist hij van haar af omdat zij zijn toekomst in gevaar brengt. Dit meisje maakt uiteindelijk de relatie tussen Gerard en Barnabas kapot terwijl Mienke dan al lang vertrokken is. Haar seksualiteit is door alle vunzigheid in de brieven aan Holee opnieuw gewekt maar wat ermee te doen? Ze lijkt haar verstand kwijt te raken.

Vanaf het begin weet je als lezer dat deze Barnabas ten onder moet gaan. Hij leidt zijn eigen symblisch in door zich als reclame voor een spijkerfabrikant aan het kruis te laten nagelen. Dit roept zoveel commotie op dat niemand meer neutraal kan blijven en christelijk Nederland het wel gehad heeft met Holee.  De ondergang van Barnabas Holee voltrekt zich tenslotte in een ras tempo. Hij weet het allemaal niet meer en voegt zich bij zijn vader.

Het hele boek door vroeg ik me af wat Boomsma nou gedreven heeft om dit boek te schrijven. Hier en daar zullen christenen het blasfemisch vinden terwijl ongelovigen een kijkje wordt gegund in een wel erg fantasievolle religieuze keuken. Relishow past dus bij Boomsma. Ik weet niet wie hij is en wat hem drijft, waar hij voor staat. Hij doet van alles, is vaak in beeld maar blijft toch buiten schot. Er zal hem een langer leven beschoren zijn dan zijn creatie Barnabas Holee want Boomsma is niet dom en deelt de goddelijke liefde zeker niet met vele vrouwen:-).

Gepubliceerd in: om 15 december 2011 op 12:27 pm  Geef een reactie  
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 33 other followers